Bron:Klaverblad 02-10-1996
1921-1946 In het hele begin
In het begin van de twintiger jaren was er in feite maar weinig vertier in Hoenderloo.
Wat de jeugd met name kon doen was een beetje kattekwaad uithalen op straat. Als
ze tenminste niet gesnapt werden door politieagent H.van Ark. Die stak daar vaak een stokje voor en menigeen had diep ontzag voor deze man met de grote blauwe cape.
Meneer Bakker die verbonden was aan de Stichting Hoenderloo en tevens voorganger was van het C.J.M.V.,de Christelijke Jongerenvereniging afdeling Tomotheus, nam in 1921 het initiatief tot een muziekvereniging.
De dorpelingen waren daar zeker voor warm te krijgen, want bij een
collecte onder hen op 17 september van dat jaar werd 63 gulden
opgehaald. Hiervan kon men bijna 7 tweede hands instrumenten kopen.
Jonkheer P.J. Repelaer van Spijkenisse vulde het bedrag aan tot 100
gulden en men kon inderdaad de instrumenten aanschaffen. De jonkheer
werd betrokken tot 'de muziek', doordat Lub Maassen er bij zat en
tevens huisknecht was op landgoed Deelerwoud. De jonkheer is vanaf dat
moment de beschermheer van de muziekvereniging gebleven, tot zijn dood
in 1941.
De instrumenten werden tweedehands aangeschaft bij J.H. van Kessel uit
Tilburg, die ze in het begin in bruikleen gaf als aanmoediging.
Entre Nous
Omdat het initiatief was van de Jongelingenvereniging kreeg de nieuwe
vereniging het Christelijke signatuur mee. Er werd ook een naam
gevonden:"Entre Nous"(onder
ons). Men begon met 18 leden en er werd een dirigent gevonden in de
heer Sterk om de enthousiaste muzikanten te begeleiden.
Deze gedreven man kwam elke maandag trouw op zijn fiets vanuit Deventer
naar de repetities en heeft zelfs eens gepresteerd om hijgend en
puffend op het allerlaatste moment op een oude transportfiets aan te
komen op een concours in Veenendaal. Hij had de trein gemist.
Het allereerste bestuur bestond uit J.W. Bakker, L. Maassen, H. Pluim
en R. Bloem. Al spoedig bedachten enkele leden een andere naam: DINDUA, wat stond voor Door Inspanning Nuttig, Door Uitspanning Aangenaam. Leuk gevonden, maar erg praktisch was die niet.
Het ledenaantal groeide gestaag en in 1922 telde de vereniging al 22 leden, die 25 cent per week kwijt waren aan contributie.
In 1926 werd de naam veranderd in VIOS (Vooruitgang Is Ons Streven).
In artikel 33 van een bijvoegsel van de Nederlandsche Staatscourant van
dinsdag 11 januari 1927 stond het doel van VIOS als volgt omschreven:
'Het doel der vereeniging is de
bevordering der toonkunst, het opluisteren van zendingen nationale
feesten, kinderfeesten, samenkomsten, uitgaande van de Christelijke
jongelingsvereeniging, en het geven van openbare uitvoeringen'.
Artikel 14-4 moest er voor zorgen dat de leden zich zouden
gedragen, wat volgens de overlevering niet altijd even goed gelukt is,
aangezien het wel eens een dolle boel was. De tekst ervan:
'Werkende leden zijn verplicht zich tijdens alle
muziekuitvoeringen, vergaderingen en repetities fatsoenlijk te
gedragen'.
VIOS bracht leven in de brouwerij en praktisch iedere jongeling wilde daar wel bij. Men repeteerde in het oude Volkshuis
bij het licht van olielampjes, die op de onmogelijkste momenten
uitfloepten. Als Man(n)us van de Berg op de grote trom sloeg viel de
kalk soms van de muren. Bij uitvoeringen, ook in het oude Volkshuis,
zorgde veldwachter Van Ark ervoor, dat iedereen stil was. Zo niet, dan
sprak hij de persoon vermanend toe. Als er dan nog niet geluisterd werd
pakte hij "je in je donder".
Dirigent Sterk heeft zo'n 8 jaar de muzikanten van VIOS wat weten bij
te brengen en heeft destijds een goede basis achter gelaten. Na hem nam
dirigent Van Voorst het stokje over en onder hem heeft men grote
successen weten te boeken. Men ging naar concoursen en dat moeten nog
wel eens ware belevenissen zijn geweest. Men reisde meestal per bus,
waar Gijs van de Brink de chauffeur van was.
NCRV
Voor veel oudgedienden is het concert bij de NCRV in Hilversum
één van de hoogtepunten geweest. Dit gebeurde op 15
december 1931 en was tot stand gekomen door bemiddeling van de
beschermheer. Sommigen waren nog nooit zo ver van huis geweest en
hadden maar liefst 35 cent op zak. Aangezien maar heel weinigen in het
dorp een radio hadden was er eentje geplaatst bij het Volkshuis.
Praktisch het hele dorp was aanwezig om te luisteren en ze werden niet
teleurgesteld, aangezien het optreden van ongeveer drie kwartier prima
verliep. De muzikanten waren ook zo in de wolken over hun optreden, dat
ze niet eens gemerkt hadden, dat tussen Otterlo en Hoenderloo een band
van de velg van de bus was gelopen.
Langzamerhand was men wel toe aan wat nieuwe instrumenten en door een
collecte in 1937 was het uiteindelijk ook mogelijk deze aan te schaffen.
In 1941 werd een gezellige jubileumreceptie gehouden met daarin als
onderdeel een revue die was samengesteld door G. Karman. De titel was
heel toepasselijk '20 jaar bestaan van VIOS' en bevatte een in memoriam
voor Jhr. Repelear. Dirigent Van Voorst werd helaas in de Tweede
Wereldoorlog opgepakt en het roer werd overgenomen door de heer Kalf.
Voordat in 1958 Dick Veldhuis voor het orkest kwam, zijn nog de heren
Kwast, Mooy, Hehne en Van Reeuwijk in beeld geweest. De laatste was de
leraar geweest van Veldhuis en had er voor gezorgd, dat deze bij
VIOS kwam en lange tijd het gezicht er van zou gaan bepalen.